Menu Sluiten

Gewoontedier

Vandaag ben ik erachter gekomen dat ik meer een gewoontedier ben dan ik dacht. Ik heb al m’n hele leven dat ik mezelf anders voel dan de wereld om mij heen, maar ook dat ik anders wil zijn dan de wereld om mij heen. Terwijl ik tegelijkertijd ook zo de behoefte heb om weer niet teveel op te vallen. En dat strookt helemaal niet met mijn uiterlijke verschijning. De kleurige jurken, mijn niet alledaagse haardracht, maken juist dat ik juist wel op val. En ook dat schreeuwt mijn innerlijke ik “ZIE MIJ, HOOR MIJ, VOEL MIJ”. Afgelopen zondag heb ik 2 quotes omschreven en een reactie van mijn vriendin gekregen. Hierdoor ben ik sowieso in gaan zien dat ik begrijp wat ze zegt. De buitenkant is niet in overeenstemming met de binnenkant. Ik heb mij afgevraagd of ik deze jurken ben gaan dragen als masker, dat is niet het geval. Ik vind ze mooi, ik voel mij er vrouw in en het is niet zoals iedereen. Dit is wie ik wil zijn, een zelfverzekerde vrouw die trots is op zichzelf en die zich durft te kleden zoals zij dat mooi vindt, die zich niets aantrekt van wat een ander van haar vindt, omdat ze mag zijn zoals ze is. Door het dragen van deze jurken stap ik over een drempel, want nu kunnen juist mensen iets van mij vinden (doen ze misschien al) en is het “gemakkelijk” om er iets over te zeggen. Dat zal nu en in de toekomst ook wel gebeuren, maar daar wil ik dan geen “last” meer van hebben, mij niet persoonlijk meer aangevallen voelen.

Een gewoontedier voelt zich veilig bij allerlei gewoontes. In mijn hoofd zijn dat “alledaagse” mensen in spijkerbroeken en grauwe kleding. Dat is natuurlijk niet zo. Iedereen heeft zo zijn of haar gewoontes en dit gewoontedier dus ook, kwam ik achter. 2 weken geleden bijvoorbeeld kwam ik erachter dat de buurvrouw ineens weer een auto heeft en die zette ze voor mijn deur. Daar maakte ik mij vreselijk druk over. Waarom? Ik dacht zelf het meest negatieve “het is mijn plek”, “ik stond er het eerste”, “als ze weggaat zet ik ‘m snel neer”. De gedachten zijn misschien niet eens zo negatief, maar ik vond ze enorm kinderachtig van mijzelf en veroordeelde mijzelf daarom gelijk omdat ik dat evengoed dacht. Toen zei m’n coördinerend behandelaar dat het ook een gewoonte kan zijn en dat ik “van streek” raak als iemand anders mijn gewoonte doorbreekt. En daar heeft ze gelijk in. Het gevoel is daardoor minder heftig, minder afkeurend (naar mezelf) en het mag er zijn. Vandaag kwam ik er nog een keer achter dat ik een gewoontedier ben. Ik had een gesprek met de psychiater en hij vroeg mij wat ik er van vond dat er vandaag 2 nieuwe mensen zouden starten in de groep. Rationeel zoals ik vaak kan zijn, vertelde ik hem dat zij uit een bestaande MBT groep kwamen, dus dat zij waarschijnlijk wel ongeveer dezelfde raakvlakken zullen hebben als die wij nu met z’n vijven ervaren. Eenmaal in de groep vanmiddag ervoer ik dat helemaal niet zo. Ik kon niet bij m’n gevoel, ging helikopteren om het van een afstand te bekijken en kwam in een therapeutenrol terecht.

Dit doe ik vaker als ik mijzelf ongemakkelijk voel, of als ik de ander wil helpen en als ik niet bij m’n eigen gevoel wil of kan komen. Dus nu wederom een verstoring van mijn gewoontepatroon. Toen een van de therapeuten vroeg of ik daar verder op in wilde gaan, merkte ik ook dat ik daar nog niet aan toe was in het bijzijn van deze nieuwe mensen en durfde ik voor mezelf te kiezen, dat was iets compleet nieuws voor mij. Ik vind het fijn dat ik mezelf steeds beter leer kennen en dat ik er steeds meer achter kom waarom ik bepaalde dingen doe of waarom ik op een bepaalde manier reageer. Ik maak stappen in de therapie en dat voelt goed.

Posted in Zoals het gaat

3 Comments

  1. Karin keizer

    Wat geweldig dat je dit zo in zie,en er goed antwoord aan je zelf geeft. Knap stukje werk.al heeft het uiterlijk niets met het innerlijk te maken, wel je goed gevoel waar je,je zelf in wil zien, en jij ziet er altijd goed uit.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *